Blijde intrede

A. Diepenbrock

Gedenk weer 't Verleden,

o roemrijke Amstelstad,

Zie op naar 't juweel,

in de kroon op uw torens vervat,

Waardoor gij nog heden

Schittert te midden der wereldsteden.

Ontwaak uit den roes

van den koortsigen nieuwen tijd,

't Gepeins op uw wetenschap,

handel en nijverheid

Met lieflijke droomen

Komt u de adem der lente doorstroomen!

De zonnige Mei spint heur glansen

om 't grijze stadhuis.

Het windeke uit zuiden

omspeelt het met streelend gesuis.

Want daar als een sproke,

Sluimert een bloesem nauwlijks ontloken.