Simeon's Lofzang

A. Diepenbrock

Vergun, o God, op zijne bede,

Na uw belofte, uw knecht verlof,

Opdat hij reis van hier met vrede

Omhoog maar `t hemelsch vredehof.

Nadien ik met mijn eigen oogen

Den algemeenen Heiland zag,

Die als een zon schijnt uit den hoogen,

Daar ieder zich verblijden mag!

Een schoone zon, die met haar stralen

Het blinde heidendom verlicht,

En Jacob's huis en Isrel's palen

Verheerlijkt en nog vaster sticht.