Eenzame nacht

A. Voormolen

Uw oogen waren er niet,

Uw stem was zoo ver, zoo ver,

Het was een avond zonder lied,

Nacht zonder ster.

De stilte was zoo diep, zoo groot,

Boven en onder en overal,

Dat ied're windeval

Moest brengen dood.

Mijn ziel was als een bloem naar U

Groot open,

Weerloos als doodschaduw

Ze had beslopen...

Hoe heb ik wreed verstaan

In één stil even

De pijn van te vergaan

Uit dit schoon leven.