Het hondjen

C. Ruppe

Hoe dankbaar is mijn kleine hond

Voor beentjes en wat brood!

Hij kwispelstaart, hij loopt in 't rond,

En springt op mijnen schoot.

Mij geeft men vleesch en brood en wijn,

En dikwijls lekkernij:

Maar kan een beest zo dankbaar zijn,

Wat wagt men niet van mij!