Een vrouw geraakte 'uw kleed
E. Mulder
Een vrouw genaakte Uw kleed, o Heer,
en stond, en was genezen;
een vrouw genaakte Uw kleed, o Heer,
hoe zal 't met mij vergaan,
die U, mijn daaglijksch brood,
hoe heilig moest ik wezen!
ontvange, en nog blijf wederstaan,
en niet wil zalig wezen:
o Heer, hoe zal 't met mij vergaan?