O liefste met uw godenlach

E. Verheyden

O Liefste met uw godenlach,

Dien 'k aan mijn hart gebogen zag,

Dien blauwe' en gouden zomerdag,

Vol geur van blanke bloemen!

O Lief die leven schiep uit dood!

O Gever van mijn liefdebrood!

Genezer van mijn zielenood!

Hoe zal mijn dank u noemen?

O gij die wilt mijn Alles zijn

En koestren 't moede harte mijn

In engelarmen warm en rein,

Wat zal mijn dank u geven?

- De rozen van mijn vroolijkhcid,

De leeljen van mijn droomentijd,

De palmen van mijn vrome vlijt,

De lauwer van mijn leven.