Het porceleinen paviljoen

J. Bonset

Midden in den kleinen vijver

Staat een paviljoen van grasgroen

En van melkwit porcelein.

Als een tijgerrug zoo welft zich,

Maanbeglansd, de brug van jade

Naar het groenwit paviljoen.

In het huisje zitten vrienden,

Fraai gekleed en drinken, praten –

Velen schrijven lenteverzen.

En hun zijden mouwen glijden

Achterwaarts, hun zijden mutsen

Zitten vroolijk in hun nek.

Op de stille kristallijnen

Oppervlakte van den vijver

Spiegelt alles wonderbaar.