Kinderronde

J. Nieland

» Wie komt daar uit het Oost gegaan?

Rozemarijn en blauwe violen....! -

Uw lokken zijn blond als de blonde maan,

uw wangen stralen als zonneschijn!

Blauwe violen en rozemarijn....!"

» Langs beemd en bergen kom ik, van ver,

geurige roze, geurige rozel -

uit het blauwe land van de Morgenster;

en mijn kleed is groen als het groen der weil

Geurige roze van den Mei! ”

» Wat bergt gij in uw voorschoot blauw?

Rozemarijn en blauwe violen!

Van uw voeten druipt het als lentedauw!

Op uw schreden geurt het als bloemen fijn!

Blauwe violen en rozemarijn!"

» ' k Breng rijkdom, rijkdom zonder end, -

geurige roze, geurige roze! -

Al ' t goud van den Zomer, al ' t zilver der Lent;

het fluweel van den beemd en het purper der heil

Geurige roze van den Mei! "

» Mijn handen ziet! Ik ontsluit ze maar,

geurige roze, geurige rozel -

En de vogellijns zwermen in schaar bij schaar....

en het klingt en het zingt er van tandaradei!.

Geurige roze van den Mei!"

» Wij dansen vroolijk om ú in ' t rond,

rozemarijn en blauwe violen!

Wij zoenen uw handen met dankbaren mond!

Gegroet, gegroet, gij Zonneschijn! -

Blauwe violen en rozemarijn!"