Gelijk het brood

J. Röntgen

Gelijk het brood van terruwen,

dat berst en opengaat,

al door de bruine korste

de goudene kruime laat;

zoo zit de hemel dikwijls

geborsten en gescheurd,

en door de peersche wolken

men 't vonkelend licht bespeurt;

zoo blijft in Gods grammoedigheid

en recht doen altijd iet,

waardoor de zondaar, boetbereid,

vergiffenis blinken ziet.