O blijf...
J. Tinel
o Blijf gelijk de duive kind,
die pijlsnel naar de hoogte vliegt,
die steeds de sluwe slange zwicht
maar blijde in ' t stralend zonlicht wiegt, —
blijf schuldeloos, mijn lieve!
o Blijf gelijk de lelie, kind,
die nooit haar puren kelk besmet,
die nooit, dan voor den reinsten dauw,
den hemelschen! dien openzet!
blijf zuiver, o mijn lieve!
o Blijf gelijk de bronne, kind,
waar de oog door ziel tot op den grond,
en waar men nooit, hoe lang men zocht,
dan reine perelen vonkelen vond!
blijfrein van ziel, mijn lieve!
Blijf rein, blijf blank, blijf schuldeloos!
God mint het zuiver maagdenhert,
en zeegnend zweven de englen rond
waar zulk een schat behouden werd,
zulk hemelschat, mijn lieve?