Loflied voor de Kinderen
J. Van Hoof
Rein aan 't ruisend hart gedragen,
Gaaf ann 't gouden hart volgroeid.
Door het diep gedijn der dagen,
Aan ons beider ziel ontbloeid.
Kindren, kindren, zegenstralen,
glans om bruidegom en bruid.
Naar het woord van droomverhalen
kwaamt gij met een sprookjesschuit.
Maar geen schuit bracht U op aarde;
oever waart gij, hoogste gloed
van wat God in ons bewaarde
't scheppend laaien van het bloed.
Kindren, kindren, droomverheven
bindt ge ons beider biddend hart.
Wekt uw hart doorheen ons leven
't ijlste louteren der smart.