O! ik denk zoo innig aan je

J. Watelet

O! Ik denk zo innig aan je,

ik verlang zo innig naar je!...

Zeg, voel je 't niet komen,

van verre niet komen

als geuren van bloemen naar je?

Mijn ziel staat open voor je,

mijn armen gaan open voor je...

Zeg, voel je 't niet branden,

niet tintelend branden,

zenge-zacht op je handen,

op je schouder, je lippen, je tanden,

op je boezem, op alles van je?

Zeg, hoor je 't niet gaan door de nacht,

aanbruisen tot je door de nacht,

niet gaan door de slapende landen

als 'n warlwind, die opjaagt de zanden,

nu als een juichlied en straks als een klacht?

O! De nacht is zo vol van je...,

heel de wereld is vol van je!...

O! Kon nu mijn hart tot je gaan

of ophouden van te slaan...