Dit zijn de bleeke, bleeklichte weken

M. Wantenaar

Dit zijn de bleeke, bleeklichte weken,

'k zie de menschen gaan, ze steken

hun schamele hoofden in 't stil daglicht,

elk heeft een ander gezicht.

'k Hoor hoe ze tegen elkander spreken

woorden die bleken en vèr weken,

dan zijn ze weer alle wèg,

en 't is eenzaam als een weg.

Mijn hoofd is leeg en mijn mond is droog,

mijn oogen branden omhoog,

't is koud en stoffig en wit

al dat licht, waarin ik zit.

Mijn hoofd heb ik in mijn handen,

elkaar voelen warm de wanden

van 't vleesch, mijn beenen zijn moe

van 't leven dat ik toch doe.