Den goeden dag
R. Veremans
Den
goeden dag
, dien God verleent,
en laat mij nooit vergeten,
o Heere, die, met mij vereend,
zijt in mijn hert gezeten.
Tot dat ik eens U hemelwaard
mag volgen, te Uwer woning,
zij U alleen 't bezit gespaard
mijns herten: blijft daar koning!
Zoo zal 't voor eeuwig dag mij zijn,
en
goed
, o God, bestendig:
bij U en is geklag noch pijn,
maar zaligheid onendig!