Droeve mei
C. van Oosterzee
De boomen knoppen; de wei wordt groen
Wat zal ik nu met de lente doen?
De dagen lengen, de lucht wordt licht
Mijn ziel wordt duister sluit zacht zich dicht
'k Hoor jonge vogels al overal!
Mijn ziel is stil of ze sterven zal
Blijwitte wolken gaan langs het blauw
Mijn ziel is somber, mijn denken grauw
De lauwe lucht drinkt een zonnelach…
Ik wou wel weenen den ganschen dag