Manesprook

H. Andriessen

Verloren in de sompen

Droomt gansch een archipel

Van breed geblaâr der plompen

Bij toover-klokkenspel

Uit gouden koepel ruischt er

De klankenzang, die zacht

Versmelt tot teer gefluister

In blauwen manenacht.

En de irisbloemen wuiven

Hun weerbeeld in den vloed,

Waarover sterren schuiven

In schemergouden gloed

Libellen-elfen glijen

Midde' in den blauwen glans

Waarin ze rhythmisch reien

Een wondren rondedans.

Melodische geruchten

Van harpen - die zacht-blij

Met klankenlijn verluchten

De sprook van het maangetij…