'k Hoor muziek

L. Kok

' k Hoor muziek in den nacht,

als een zingen heel fijn,

o de dag is zoo ver

met zijn leed en zijn pijn.

O geen stem, die mij roept,

en geen mond, die mij kust

en geen hand, die mij leidt

en geen lach, die mij sust.

Maar toch hoor ik muziek,

die mij komt en verglijdt,

als een lied in den wind,

als een mensch in den tijd.