Een graf

L. Orthel

Stilte,

Verlatenheid,

't Gebons

Van de hartslag.

Een graf,

Gepleisterd,

Wit in het kalkig

Wit licht van de middag.

Een roep.

'Vriend, vriend, ontwaak!

Ziel in het graf, mijn vriend, mijn makker,

Kom tot mij:

Nog ene maal

De stem die ik liefhad,

De blik die ontroerde!'

Ik luister.

Wit

Ligt verpulverd pleister

Neer op de geurige

Kruiden en bloemen,

Brokkige melaatsheid der

Schilferende tombe!

Geen antwoord.

Enkel 't gebons

Van een angstige hartslag,

In de verlatenheid,

De stilte.