Laatste kus

P. van Antwerpen

Zij

Lieve, laat mij - 'k smacht naar liefde! -

hangend aan uw hals,

wellust drinken van uw lippen,

van uw lippen, rood en valsch!

Als de biddende aan zijn Heiland,

klem ik me aan u vast.

Neem voor 't afscheid in uwe armen

de eens zoo lieven last!

Hij

Sla uwe armen om mijn schouders!

Schud uw lokken los!

Laat ze uw boezem vrij omgolven,

op uw blanken dos!

Tranen vloeien langs mijn wangen,

drupplen, vlammend heet.

Zijn 't de mijne? zijn het de uwe?

Zeg me of gij het weet!

Zij

Laatste kus, waarom zoo zoet nog,

van een mond zoo valsch?

Roode vrucht! verboden vrucht! - O!

laat mij weenen aan uw hals!