Als ik, van Uw effen voorhoofd
S. Dresden
Als ik, van uw effen voorhoofd,
De verwarde lokken strijk,
En, mijn handen aan uw slapen,
U in de oolijke oogen kijk....
Voelt ge dan, mijn blonde meisje,
Dat ik ziels-gelukkig ben,
Schoon ik niet, met radde lippen,
Al mijn zaligheid beken?
Zouden duizend woorden kunnen
Zeggen, wat ik tot u zeg,
Als ik op die volle lokken
Zegenend de handen leg?
Arme taal, die uit moet spreken,
Hoe gij innig mij bemint,
Als ge 't kopjen aan mijn schouder,
Schreit als een gelukkig kind!
Als ik uwer lokken zijde
Van uw effen voorhoofd strijk,
En, mijn handen aan uw slapen,
U in de oolijke oogen kijk -
Dan gevoel ik me uw behoeder,
En - wat u geen woord verkondt -
Al mijn hoop spreekt en mijn liefde
In de kussen van mijn mond.