Tript lustig, mijn donzen droomen

W. Andriessen

Tript lustig, mijn donzen droomen,

op uw koralen duivenpootjes

door de bloesemstroomen,

die mijn paden bestuiven.

Woelt, dartle gedachtenmijn,

als rozige kinderhanden

door de weelde van hermelijn,

die gevlokt ligt over mijn landen.

Bloemen van blijde verrukkelijkheid,

die vroeger dagen gaven,

niets meer weet ik van u!

Gij zijt in't heerlijk heden begraven.