Licht mijner ziel

H. Mulder

Licht van mijn ziel! ik zag u steeds van ver,

En wist wel dat gij eindlijk komen zoudt; --

Woorden, die ik niemand heb betrouwd,

Gaan uit als bleke vlammen, -- als een ster,

Die in 't azuur, maar blanker, lieflijker,

Zie 'k in uw lokken liggen 't licht gelaat;

't Mysterie van veel leeds, maar nooit van haat,

Droomt in uw ogen; -- 'k zag het steeds van ver.

Ik al u zien, mijn Licht, zo zie gij mij:

In éen zoet waas van gloed, waar ieder woord

Doorheenvlamt van de lippen en saamglijdt

Met andere tot één lichtende enigheid --

En elk van ons droomt in een glorie voort,

En andre glorie gaat ons stil voorbij.