O! Zweer het niet

G. Huberti

O zweer het niet, maar zoen me gauw,

'k Geloof aan geenen eed der vrouw,

Uw woord is zoet, doch zoeter klonk

De kus dien ik u lachend schonk.

Dien heb ik, dien vertrouw ik ook,

Het woord is ijl geschallen rook.

O liefje, zweer nu immer voort,

'k Geloof u op het bloote woord,

Op uwen boezem zink ik neer,

'k Geloof nu aan den hemel weer.

'k Geloof u liefjen voor altijd,

Dat g'eeuwig mijne liefste zijt.