Wat zoet geluid
M. de Jong
Wat zoet geluid, wat fijn, hoog- tonig schallen
doorwaait de zuilengangen van het bosch,
liet elke boom de schoonste liedren los,
en zingen zij nu samen, allen, allen?
Zie ginds die zwammen, staand of omgevallen,
gespikkeld, bruin, en andere weer voos - ros,
en kamperfoelie, rijk in weeldedos,
rond stam bij stam of sling'rend rond de wallen.
Hier groet ik lied'ren, die de lucht doorklinken,
hier groet ik wond'ren van het woudgebloemt,
en volg het bijtje, dat het kruid doorzoemt,
Zie zonnevuur op bronzen stammen blinken,
en hooger ' t blauw zoo licht en liefde-klaar,
dat ik maar liefst in zinnend zingen staar.